Drongen zien en sterven: een laatste rustplaats op de natuurbegraafplaats in Drongen
Groen & biodiversiteit 26/01/2026
Lag je ooit al in een bloemenweide en dacht je ‘hier mogen ze mij begraven’? Dan ben je niet alleen in dat verlangen. Deelgemeente Drongen heeft namelijk sinds 2021 een natuurbegraafplaats, waar gretig gebruik van wordt gemaakt.
Een natuurbegraafplaats?
Kenmerkend is dat een natuurbegraafplaats een biotoop is, en pas op de tweede plaats een begraafplek. Onze lichamen of assen worden een deel van het ecosysteem. Er mogen enkel bio-afbreekbare materialen worden gebruikt en gedenktekens moeten zo min mogelijk ingrijpen in het landschap. Grafzerken vind je op de Drongense natuurbegraafplaats niet terug. Als alternatief mogen de rouwenden een vogelhuisje of insectenhotel met de naam van de overledene aan een boom hangen. Dit is zowel een ecologische als levensbeschouwelijke keuze. Het toont dat er tussen het menselijke en het niet-menselijke geen harde grens bestaat. De dood is niet finaal, maar een transformatie in iets anders. Deze gedachte wordt ook belichaamd door de beplanting op de begraafplaats. Er zijn geen groenblijvende planten; zo is het ritme van de seizoenen steeds zichtbaar. De ontluikende lente, de bruisende zomer, de ingetogen genoegens van de herfst en de kille vorst van de winter. De herfst is het moment bij uitstek om je voor te bereiden op de naderende winter. Wanneer de zachte sneeuw het einde aankondigt, hoe wil je dan dat je lichaam te ruste wordt gelegd? Steeds meer mensen laten zich in hun beslissingen leiden door de impact op het milieu.
Crematie
Bij crematie wordt per lichaam gemiddeld 208 kg CO 2 uitgestoten. Daarnaast is menselijke as vrij zout en verhoogt het de pH van de bodem. Deze veranderingen in chemische bodemsamenstelling hebben effect op zowel planten als bodemorganismen. Ook de hoeveelheden fosfor, kalium, zwavelbindingen en zware metalen in ons lichaam zouden een negatief effect kunnen hebben. De impact hiervan op de betreffende ecosystemen moet nog onderzocht worden. De huidige aanpak voor natuurbegraafplaatsen bestaat eruit een inschatting te maken of menselijke assen die balans zouden verstoren. De Drongense natuurbegraafplaats is gelokaliseerd op een bodem met ‘hoge basenverzadiging’. De assen tasten de natuurlijke pH van de bodem dus minder aan dan bij een mineraalarme zure bodem het geval zou zijn. Assen worden niet enkel uitgestrooid, maar kunnen ook in een urne begraven worden. Dit zou ervoor kunnen zorgen dat het as samenklit, waardoor het slechts langzaam wordt afgebroken. Dit is enerzijds handig, omdat het proces controleerbaar is, in tegenstelling tot vrij uitgestrooide assen. Anderzijds krijgt de bodem lokaal hogere concentraties van bepaalde stoffen te verduren. De effecten hiervan zijn nog niet grondig onderzocht.
Begraving
Begraving in een kist of lijkwade heeft een minder grote impact op het bodemleven omdat een lijk, in tegenstelling tot assen, gemakkelijker door bodemorganismen wordt afgebroken om vervolgens door planten te worden opgenomen. Een lichaam vraagt echter meer plaats dan crematieassen en het kan tot vijfentwintig jaar duren voor het volledig vergaat. Verder zijn er nog twee ecologische nadelen. Ten eerste kan je zware metalen moeilijker verwijderen uit het lichaam dan bij crematieassen. Ten tweede, om iemand te begraven moet je een hele hoop aarde omwoelen, waarbij wortels worden beschadigd en bodemleven verstoord.
